Geïnteresseerd? Bestel mijn boek bij je lokale boekhandel of Bol.com.
  • 25
    jul
    2007

    Ambtelijk Nederland nog niet klaar voor ondernemende burgers (Jan de Wild en Kees Penninx, MOVISIE – maatschappelijke ontwikkeling)

    “Burgers met plannen worden massaal genegeerd door gemeenten”, zo blijkt uit een onderzoek van de Burgerlijke Raad voor het Regeringsbeleid (BRR) onder 450 (deel-)gemeenten. Uit ervaring weten we dat die conclusie vaak maar al te waar is.

    Door Jan de Wild en Kees Penninx, MOVISIE – kennis en advies voor maatschappelijke ontwikkeling

    Actieve burgers krijgen herhaaldelijk nul op request wanneer zij bij gemeenten hulp vragen bij het uitvoeren van sociaal maatschappelijke initiatieven. Ambtelijk Nederland is nog niet klaar voor de ondernemende burger. Voor een overheid die zich juist voorstaat op het bevorderen van actief burgerschap is dat een groot probleem, omdat  het vertrouwen van de burger in het geding is. Gelukkig gaat het bij gemeenten niet (altijd) om onwil en is de kwaal volgens ons te behandelen.

    Onwil of onmacht?
    In de afgelopen jaren heeft MOVISIE verschillende gemeenten geadviseerd en begeleid bij het testen en ontwikkelen van effectieve methoden om burgers een actieve rol te geven in de lokale gemeenschap. Eén van die MOVISIE-initiatieven is het nationale project Zilveren Kracht dat de participatie van senioren bevordert.
    Senioren kunnen veel én willen veel. Slechts af en toe hebben zij de gemeente nodig: voor een startsubsidie, een ontheffing, een kopieerapparaat. Je vraagt je dus af waarom de  ambtenaar die hierop wordt aangesproken niet zit te juichen maar in paniek met de handen in het haar zit. Het onderzoek van de BRR doet vermoeden dat er sprake is van starheid en onwil. Er zijn immers clubs genoeg die een handje kunnen helpen. Denk aan kamer van koophandel, vrijwilligerscentrales, welzijnswerk, Gildeprojecten en ouderenorganisaties. Waarom verwijzen gemeenten daar dan niet naar?

    In de praktijk blijkt het niet zo simpel. In veel gemeenten ontbreekt de afstemming tussen al deze organisaties volledig. De ambtenaar heeft de handen al meer dan vol aan het in de lucht houden van al die draaiende bordjes. Het resultaat is dat nieuwkomers, zoals het seniorenrestaurant van de BRR, niet op de draaistok worden gezet. Ambtenaren beseffen onvoldoende wat het effect van hun veel te passieve opstelling is Wanneer de burger onverrichter zaken naar huis gestuurd wordt, verliest een actieve burger het vertrouwen. En dat is jammer als je weet dat bijvoorbeeld een grote groep senioren klaarstaat om een nieuwe rol in de samenleving te vervullen.

    Potentieel genoeg
    Een groeiende groep overwegend jonge senioren zoekt naar nieuwe vormen van maatschappelijk zinvolle participatievormen. Samen iets doen aan de veiligheid in de wijk, een restaurant openen, een woongemeenschap vormen, een bezoekdienst voor eenzame ouderen runnen of een zorgboerderij voor verstandelijk gehandicapten opzetten. Het is maar een greep uit de dromen van ondernemende, maatschappelijk geëngageerde senioren, die Zilveren kracht tegenkomt. In hun nieuwe levensfase willen deze senioren meetellen, zich blijven ontplooien en samen met anderen zin geven aan hun nieuwe levensfase. In zelf gekozen én aangedragen projecten. Het nieuwe ouder worden speelt zich af in betekenisvolle sociale rollen, zoals mentor, coach, maatje, klusser, organisatieadviseur, huisbezoeker, voorleesopa, kunstenaar of actieve buurtbewoner. Kansen genoeg voor bereidwillige gemeenten.

    Trampoline
    Ambtenaren hoeven niet altijd zelf  die actieve burgers te woord te staan. Zij moeten wel laten zien dat zij de politieke roep om het actief burgerschap te bevorderen serieus nemen en dat zij snappen dat het ook iets voor henzelf betekent. Niets zo frusterends als een gesloten loket of een nietszeggend antwoord van een ambtenaar.  Dat betekent dat gemeenten actief moeten doorverwijzen naar de bestaande organisaties en open moeten staan voor nieuwe vormen van dienstverlening. Denk bijvoorbeeld aan “vrijwilligerswerk on line” waarbij deskundigen van allerlei pluimage dag en nacht klaar staan met konkrete adviezen.

    Veel bedrijven stimuleren hun medewerkers aan dit soort activiteiten mee te doen. Zij profileren zich zo als maatschappelijk betrokken ondernemer wat goed is voor hun naam en voor de samenleving. Dat kan net zo goed opgaan voor gemeenten. Gemeenten kunnen niet alleen meedoen in dit soort netwerken, ze kunnen ook meehelpen ze te organiseren. Bijvoorbeeld door een virtueel lokaal servicestation voor burgerinitiatieven mogelijk te maken. De missie is het stimuleren en honoreren van actief burgerschap. Gepensioneerde managers kunnen een sleutelrol krijgen, ondersteund door één of meerdere ambtenaren. De kosten van deze publiek-private combinatie kunnen betaald worden uit lokale middelen op het gebied van de Wmo, de Wet Werk en Bijstand, aandelen genomen door woningcorporaties en andere beneficials; investeringen van aangesloten organisaties en deelnemersgelden of – contributies. Deze investering verdient zichzelf terug, niet alleen in de vorm van maatschappelijke productiviteit, maar ook in termen van gezondheidswinst, sociale cohesie en veiligheid in de wijken.

    Gemeenten die deze weg inslaan kennen over enkele jaren geen ambtenaren meer die bij het eerste e-mailtje met de handen in het haar zitten. Deze ambtenaren hebben een leuke nieuwe baan waarin zij als sociale ondernemers het voorbeeld geven en werken als trampoline voor de talenten van burgers.

    Jan de Wild is directeur bij MOVISIE, kennis en advies voor maatschappelijke ontwikkeling, te Utrecht. Kees Penninx is projectleider Zilveren Kracht bij MOVISIE.

In de media

Een aantal van mijn onderzoeken en maatschappelijke acties haalden in de jaren 2004-2008 de media. In deze rubriek een overzicht van die artikelen.

Over de auteur

Archief artikelen van Steven de Jong. Op deze site kunt u zijn artikelen uit de periode 2001-heden lezen.

E-mail: dejongsteven@gmail.com
  • Volg Steven de Jong op Twitter!
  • Volg Steven de Jong op LinkedIn!