Geïnteresseerd? Bestel mijn boek bij je lokale boekhandel of Bol.com.
  • 17
    apr
    2012

    Etnisch samenscholen met subsidie. Mag je dat integreren noemen?

    Computeren, dansen, knutselen, zwemmen. Bedenk een activiteit, noem het participatie en je maakt kans op subsidie. Zeker als je je richt op migranten, want activeren betekent integreren. Niet iedereen ziet echter het verband. Integendeel.


    Volgens Hassan Bahara, columnist van NRC Handelsblad, hebben de migrantenorganisaties ongetwijfeld emancipatoir nut gehad voor de eerste generatie. “Maar die tijd is allang voorbij.” Instemmend citeert hij de Tilburgse wethouder Auke Blaauwbroek. “Wij denken dat integratie niet wordt bevorderd als de mensen in hun eigen clubje blijven”, zei de PvdA’er in het Brabants Dagblad.

    Vorig jaar bezocht Bahara de presentatie van een integratienota, waarin toenmalig minister Donner de zelforganisaties voor het eerst de wacht aanzegde. “In de zaal waar de integratienota werd besproken zaten de voormannen van de migrantenclubjes. Soms hoorde ik ze smoezen, in het Turks of Marokkaans – alsof ze naar Den Haag waren afgereisd om Donners punt te illustreren dat hun clubs geen ruk aan integratie bijdragen.”

    Segregeer niet wat gemengd kan

    Toch is het niet onlogisch dat integratieclubs etnisch nogal homogeen zijn of dat zelfs uitdragen in hun naam. Ze richten zich namelijk op mensen met een achterstand op de Nederlandse samenleving en dat zijn over het algemeen mensen met een niet-Nederlandse achtergrond. De vraag is echter of het zin heeft als die organisaties zich ook nog eens richten op activiteiten die niets met de Nederlandse taal of maatschappelijke bewegwijzering te maken hebben. Dan segregeer je wat gemengd kan.

    Vorig jaar stelde de VVD in Amsterdam Oost een lijst op die op die voor enige opschudding zorgde. Migrantenclubs die Arabisch en Turks doceren, workshops over het Ottomaanse Rijk geven of cursussen hoofddoekvouwen organiseren – het deed bij menigeen de wenkbrauwen fronsen. Of zoals de fractie het verwoordde: “De leerling-verpleegster uit IJburg mag van haar zuurverdiende salaris een stevig deel afstaan, zodat jongeren uit de Indische Buurt een dagje naar het pretpark Walibi World kunnen. En de caissière van de winkel van Albert Heijn aan de Javastraat, betaalt mee aan de cursus hoofddoek binden, terwijl ze zelf de financiële eindjes iedere maand – door de hoge belastingdruk – maar amper aan elkaar kan binden!”

    Lieke Thesing (GroenLinks), destijds wethouder Sociale Zaken in het stadsdeel, verdedigde tegenover Geenstijl-verslaggever Jelte Sondij het subsidiebeleid met het argument dat het niet om de activiteit gaat, maar om het opheffen van een sociaal isolement. Hoofddoekvouwen vond ze overigens zo gek nog niet. “In tijden van de slavernij waren hoofddoeken een manier van communiceren.”

    Gepubliceerd: NRC

NRC

Voor NRC Handelsblad, nrc.nl en nrc.next schreef ik sinds mijn aanstelling in september 2007 meer dan 800 artikelen. De meeste daarvan als opiniemaker voor nrc.nl.

Over de auteur

Archief artikelen van Steven de Jong. Op deze site kunt u zijn artikelen uit de periode 2001-heden lezen.

E-mail: dejongsteven@gmail.com
  • Volg Steven de Jong op Twitter!
  • Volg Steven de Jong op LinkedIn!