Bestel bij:
Dejongsteven@gmail.com
  • 26
    nov
    2008

    Shoppen in de wereld van de moraal

    Na het succes van de Wehkampcatalogus krijgen we nu de Waardencatalogus.

    Door Evelien Tonkens

    Respect? Ja graag. Mag wel een onsje meer zijn. Doe er ook maar een pondje vrijheid bij, een kilo gelijkheid en een zakje solidariteit. Tolerantie ook natuurlijk. Duurzaamheid en groei: twee halen, een betalen? Ja!

    Na het succes van de Wehkampcatalogus krijgen we nu de Waardencatalogus. Het kabinet heeft onlangs besloten die op te gaan stellen. Ze gaat etaleren wat ze belangrijke waarden vindt. Dan kunnen wij lekker bladeren en eruit pikken wat ons aanspreekt. Maar wat is daar het nut van? Over waarden zijn we het al redelijk eens.

    Iedereen is voor vrijheid, gelijkheid en solidariteit. Het wordt pas spannend wanneer die waarden botsen. Als de vrijheid van onderwijs ten koste gaat van de gelijkheid van ontplooiingskansen. Of als duurzaamheid ten koste van groei gaat. Maar aan het woord te oordelen laat de Waardencatalogus zulke spanningen buiten beschouwing. Een catalogus biedt een baaierd aan mogelijkheden, zonder spanningen ertussen te etaleren. Lekker shoppen in de wereld van de moraal. Moge de regering deze onbeholpen metafoor van waarden als winkelwaar snel schrappen.

    Handvest

    Naast de waardencatalogus komt er een Handvest Verantwoordelijk Burgerschap. Eerder heerste nog de angst dat het woord burgerschap met burgerlijkheid geassocieerd zou worden, maar dat bleek onterecht. Alleen een handvol linkse babyboomers heeft nog die associatie. De afgelopen jaren zijn krantenlezers dan ook bedolven onder het woord burgerschap. In tien jaar tijd is het gebruik ervan in de kranten verdriedubbeld. En de Tweede Kamer steeg het gebruik in twaalf jaar van 19 naar 259.

    Burgers hebben bij burgerschap vooral sociale associaties. 57 procent denkt aan sociaal gedrag, verantwoordelijkheidsgevoel, hulpvaardigheid en burenhulp. Slechts 7 procent denkt aan stemmen en politieke interesse tonen (Dekker en De Hart, De goede burger, SCP 2005) Burgers denken bij burgerschap ook meer aan plichten dan aan rechten. Over rechten wijden ze desgevraagd langer uit dan over plichten, ze onderscheiden er veel meer aspecten aan (Hurenkamp en Tonkens, gisteren verschenen, zie nicis.nl).

    Het wordt pas spannend wanneer waarden botsen
    Het is ook dienstbaar: burgerinitiatieven zijn overwegend gericht op aanvullen van de overheid, niet op aanvallen.

    Maar hoe vallen al die klachten over agressieve, asociale burgers dan te plaatsen? Die mensen die buschauffeurs en ambulancepersoneel bedreigen, die spugen op het gezag? De man uit Lelystad die vanwege een conflict met de gemeente 42 ruiten van het stadhuis insloeg? De man die de Almelose wethouder in gijzeling nam omdat de gemeente van plan was zijn café te sluiten? Zijn deze voorbeelden (uit De lastige burger van Steven de Jong, Van Duuren 2008)  geen indicatie dat het alarmerend gesteld is met het burgerschap in ons land? Hoe valt dat soort wangedrag te rijmen met dat dienstbare, sociale en plichtsgetrouwde beeld van burgerschap uit onderzoeken?

    Speeltuin

    Veel burgers zien hun verhouding met de overheid niet als burgerschap, constateert De Jong. ‘Ik betaal voor de speeltuin, dan mag ik toch doen alsof hij van mij is?’ ‘Als ambtenaar werk je voor het bedrijf de overheid. Met de burgers als klant. Jullie horen marktonderzoek te doen naar wat de burger wil’. ‘Hoe durf je te klagen over je klanten, de mensen die je salaris betalen?’ zijn zo wat teksten die burgers op lastvandeburger.nl voor ambtenaren achterlaten. Kortom: burgers zien zich in relatie tot de overheid niet als burger maar als klant. Ook daarom moet de overheid afzien van het woord waardencatalogus: dat versterkt dit probleem.

    Met het burgerschap van de Nederlandse burgers gaat het dus prima, alleen zien burgers zichzelf in weinig situaties als burger. Burgerschap beperken ze hun onderlinge verhoudingen; ze vergeten dat burgerschap ook over de verhouding tot de overheid en andere publieke instellingen gaat. En men beperkt burgerschap tot sociale participatie, en vergeet politieke. En vermoedelijk zien ze ontbrekend burgerschap vooral bij anderen, niet bij zichzelf. Andere mensen voeden hun kinderen verkeerd op, bleken onlangs de meeste ouders te vinden.

    Verantwoordelijk burgerschap hebben we dus al. Het schort vooral aan reikwijdte en toepassing. Men ziet het nu vooral als iets sociaals, in relatie tot medeburgers, rond plichten, waarbij anderen in gebreke blijven. Het mag meer politiek, in relatie tot de overheid, rond rechten en als iets waarbij men zelf in gebreke blijft. Voeg daarbij het Handboek Verantwoordelijk Bestuur zoals ik hier eerder bepleitte en het wordt een nuttige onderneming. Op naar breder burgerschap.

    Bron:
    ‘Shoppen in de wereld van de moraal’

In de media

Een aantal van mijn onderzoeken en maatschappelijke acties haalden in de jaren 2004-2008 de media. In deze rubriek een overzicht van die artikelen.

Over de auteur

Steven de Jong (1981) is opinieredacteur van NRC Handelsblad. Op deze site kunt u zijn artikelen uit de periode 2001-heden lezen. Artikelen voor 2007 zijn geschreven voor andere media. Zie ook de rubrieken Boeken, Fictie (korte verhalen), Onderzoek, Freelance en Blog.
E-mail: dejongsteven@gmail.com
  • Volg Steven de Jong op Twitter!
  • Volg Steven de Jong op LinkedIn!